Hoe kunnen we ons voorbereiden en wat kunnen we bijdragen?

Als er in 2012, en in de jaren ervoor en erna, zich inderdaad in ons een bewustzijnsverandering voltrekt, die ons klaar maakt voor de volgende ontwikkelingsfase van de mensheid, hoe kunnen we ons daarop dan voorbereiden, en wat kan onze bijdrage zijn aan dit grootse proces?

  • Je eigen authentieke plek innemen, datgene doen waarvoor je gekomen bent, je missie vervullen. Dat is altijd al een goede zaak, maar in deze tijd kan het je extra helpen om in alle veranderingen overeind te blijven. Je hebt dan je eigen ankerpunt, je bent verbonden met je centrum. En doordat jij het licht van je ziel laat schijnen, stimuleer je anderen om dat ook te doen en hún plek in te nemen. Alle werkers zijn nodig en worden verzameld.
  • Voeg door gedachten, gevoelens en daden toe aan de liefde in deze wereld, in plaats van aan de angst en het doemdenken. Die keuze tussen liefde en angst is er altijd, op elk moment, maar de uitnodiging je positie te bepalen is in deze tijd des te scherper en dringender.
  • Help anderen, die door de hoeveelheid veranderingen op fysiek en mondiaal vlak mogelijk in een angstkramp schieten, door je te verbinden met hun ziel en je niet te identificeren met hun drama of pijn. Blijf hen zien zoals ze werkelijk zijn: een krachtig kind van God. Schiet je zelf in de angst, stel je dan open voor de hulp van anderen.
  • Vermijd de valkuil van speciaalheid, die jou vertelt dat jij zo speciaal bent, spiritueel verder ontwikkeld bent dan anderen, meer weet over de nieuwe tijd en dus zeker weet dat jij zult ‘ascenderen’ naar de volgende dimensie en de ander niet. Dit zorgt voor afscheiding, in plaats van de verbinding die nu noodzakelijker is dan ooit.
  • Samenwerken is het parool van deze tijd. Het is dus belangrijk om geestverwanten te zoeken met wie je praktisch én innerlijk werk verricht. Inspiratie is in groepen vele malen krachtiger, dan individueel. Waar mensen verenigd zijn rond een gemeenschappelijk doel, is de Geest van God werkzaam aanwezig.
  • Het licht van zo’n groep trekt het licht van verwante groepen aan. Het is belangrijk dat de stamoudsten van deze groepen zich met elkaar verbinden, zodat er over de gehele aarde een netwerk van licht ontstaat dat door velen wordt gedragen. Het is daarvoor de juiste tijd, en het is al volop gaande.
  • Herken gelijkgezindheid in andere culturen, religies, disciplines. Werk samen over grenzen heen van land, wetenschappelijke discipline, geloof, ras. Geef daadwerkelijke support waar je maar kunt aan het werkzaam zijn van de principes waarin je gelooft.
  • Vertrouw op de hulp, wijsheid en kennis van oneindig liefdevolle helpers. Wij kunnen het geheel niet overzien, dat hoeft ook niet, zij kunnen dat wel. Wij hoeven slechts een behulpzaam kanaal te zijn voor hun energie en werk. We worden uitgenodigd ons te scharen aan de zijde van de Meesters van Wijsheid en ons als ware discipelen in hun dienst te stellen.
  • Beoefen dynamisch bidden, alleen of in groepsverband, om het goddelijk licht uit te nodigen de aarde en de mensheid te helpen in dit overgangsproces. Vraag Gods genade voor deze wereld, roep de goddelijke energieën aan hiernaar toe te komen ter genezing van aarde en mensheid Je kunt daarvoor de Grote Aanroep gebruiken, het andere gebed dat hier gegeven wordt, of elk ander gebed dat opwelt in je ziel. De nieuwe gebeden komen vanuit het hart en worden daar gebeden.
  • Blijf werken aan je eigen bewustzijnsontwikkeling, door spirituele studie, meditatie, innerlijk werk en actieve dienstbaarheid. Er wordt nu van ons gevraagd bij te dragen aan deze bewustzijnsomslag, op dit moment in de evolutie van de mensheid. Deze kans is uniek, en we hebben er, wie weet hoe lang, op gewacht. Waarschijnlijk ben je om deze reden juist nu geïncarneerd. Doe, met Gods zegen, wat je te doen staat. Je bent Gods kind, je bent een lichtwezen, je bent oppermachtig.

Je hoeft hiermee uiteraard niet te wachten tot 2012! Hoe kun je de nieuwe tijd het best gestalte geven? Door alvast te gaan leven alsof hij er al is!

 

© Willem Glaudemans, uit Welkom in 2012, Uitgeverij Tattwa, 2009, 2e druk, p. 286-287.